The Unstagrammables – Delft ‘lelijke’ kunst het onderspit op Instagram?

Voor veel musea is Instagram hét online communicatiemiddel: positief, visueel, fris, hypegevoelig en er zitten artiesten/influencers op die zich graag laten fotograferen op de meest fotogenieke plekken in het museum. Dat geeft soms plotseling een enorme slinger aan het bereik.

Maar als lid van de online redactie bij een museum voor moderne en hedendaagse kunst, merk ik dat ons team de laatste tijd tegen een probleem aanloopt. Juist omdat Instagram – inmiddels meer dan Facebook en Twitter – hét kanaal is waarmee je als museum je collectie op een toegankelijke manier zichtbaar kunt maken en een (toekomstig) publiek kunt binden, ben je als museum ook afhankelijk van de grillen van het medium. Het bepaalt niet alleen, het beperkt ook.

Instagram en haar gebruikers worden steeds professioneler en daarmee steeds veeleisender. Zowat iedereen is professioneel fotograaf en ‘”hoog visueel ontwikkeld“. Geen slechte ontwikkeling, maar het betekent ook dat je met een uit de losse pols genomen foto met filtertje niet meer wegkomt. Uit ervaring weten we dat voor posts met kunst geldt: een werk moet het liefst bekend én fotogeniek zijn én goed vastgelegd. Of onbekend en visueel fenomenaal en goed vastgelegd. En dat is een probleem. Want moderne en hedendaagse kunst is nu eenmaal niet altijd ‘mooi’ op een esthetische manier. En ‘lelijke’ kunst kan wel heel goed zijn. Op de museum timeline werkt het alleen niet. Dus plaatsen we het ook niet. Net als kunst die langer aandacht vraagt en of een groter scherm, zoals videokunst. Zo sluiten we een deel van de kunst buiten.

Insta canon

Stel je eens voor dat de huidige canon van de Moderne Kunst was samengesteld op basis van de populariteit van het werk op social media. Hoe zou deze canon er dan uitzien? Check #stedelijkmuseum maar eens op Instagram. Welkom Barbara Kruger, Studio Drift en Guerilla Girls! Zelfs onze roltrap zou het behoorlijk ver hebben kunnen schoppen. De kleuren en beelden spatten van de timeline af. Kleurrijk en in your face. Twee van de ingrediënten die bepalend zijn voor het succes op het kanaal.

Fijn voor het visueel oogstrelende deel van de kunst, want dat bereikt met behulp van Insta een veel groter publiek en soms ook mensen die misschien helemaal niet naar het museum (kunnen) komen. Maar het knaagt, want wat doen we met de rest van de collectie?

Nipples, no way!

Ed van der Elsken, Zelfportret met Anneke Hilhorst, Edam, 1973. Nederlands Fotomuseum, (c) Ed van der Elsken. collectie Ed van der Elsken Estate https://timeline.edvanderelsken.amsterdam/

Bepaalde posts halen om duidelijk aanwijsbare redenen Instagram niet. Iedereen weet bijvoorbeeld dat tepels er vrijwel nooit doorheen komen. Iets dat op veel hashtagprotest kan rekenen #FreeTheNipple!
Onder de huidige regelgeving, valt een deel van het werk van Marina Abramovic af en ook de onschuldige seksuele vrijheid vastgelegd door de razendpopulaire fotograaf Ed van der Elsken wordt door de Instagram als verboden content aangemerkt.

De blote billen van de campagneposter voor Amsterdam Magisch Centrum kwamen er overigens gewoon doorheen.

The medium shapes the message

Voor een groter deel geldt echter dat bepaalde moderne en hedendaagse kunst Instagram helemaal niet haalt door het gebrek aan visuele impact. Werken zijn te klein, of te groot, te gedetailleerd of moelijk te doorgronden op basis van een plaatje. Dan blijft nog slechts het verhaal over om aandacht mee te trekken. Zomaar gaan sleutelen aan het uiterlijk van een kunstwerk kan natuurlijk niet. Maar eerlijk is eerlijk, met een goede tekst kom je meestal niet ver op Instagram. Bovendien hebben teksten over kunst toch al een wat ‘moeilijke’ reputatie.

Carl André, ’10 x 10 Altstadt Lead Square’, 1967, uitvoering 1976
Carl André, ‘First Six Primes’, 1991

Scrollstopper

Probeer bijvoorbeeld het werk 40 words van Louwrien Weijers maar eens te verkopen op Instagram. Deze razend interessante installatie – Weijers was met haar mindfulness woordbeelden haar tijd ver vooruit – is nog altijd actueel. Maar ja, een scrollstopper is het niet. Net als een hele serie werken van Carl André, die tot de topstukken van de collectie worden gerekend.

Instagrammability

Louwrien Weijers, ’40 words’ (1970-1971)

De discussie over de instagrammability van kunst woedt ook in de offline museumwereld. Moeten musea in het tentoonstellingsontwerp rekening houden met de selfie-waardigheid van de opstelling als ze millennials willen trekken? Dat klinkt nu vergezocht, maar vrijwel alle musea balanceren altijd al tussen artistieke en populaire keuzes te bevordering van de publieksvriendelijkheid. En is de keuze om visueel aantrekkelijke kunst op Instagram te zetten in wezen niet vergelijkbaar met het kiezen voor een blockbuster of ‘publieksvriendelijke’ tentoonstelling om meer mensen te trekken? Als museum houd je rekening met je publiek en in welke getalen dat op komt dagen, of – in het geval van Instagram – hartjes uitdeelt.

Blind posten?

Wie had gehoopt op een antwoord op de vraag in de titel, moet ik voor nu helaas dan ook teleurstellen. We zijn er nog niet uit hoe we om moeten gaan met ‘lelijke’ kunst. Hoewel, gewoon alle kunst ‘blind’ blijven posten, dus zonder aanziens des kunstwerk, is eigenlijk geen optie. Een post die weinig waardering oogst, is uiteindelijk nadelig voor het hele account. Dat krijg je wanneer algoritmes bepalen of een gebruiker een account wel of niet leuk vindt, in plaats van dat de gebruiker dat zelf doet aan de hand van zijn smaak en zin in kunst die dag.

De hele timeline over een andere boeg gooien dan? De museumbelevenis centraal zetten in plaats van de kunstwerken? Het zichtbaar maken van de collectie is onze missie als museum. Bovendien doen heel veel andere werken het heel goed online. Ondanks de komst van insta pink blijkt de populariteit van ‘Yves Klein’ bleu bijvoorbeeld ook nog altijd verre van verkleurd.

The Unstagrammables

Als likes binnenharken en bereik op Instagram realiseren de sleutel tot online succes is, en alleen de visueel sterksten winnen, waar blijf je dan met je kunstwerken die vooral tot hun recht komen offline, in het museum met een zaaltekst of gids die toelichting geeft? We zijn benieuwd hoe de rest van de museumsector denkt over deze unstagrammables. Wie staat er nog meer voor deze uitdaging? En hoezo kunnen wij als musea dit niet oplossen als het zelfs lukt om stofzuigers op Instagram te verkopen?

Mochten er nog creatieve breinen zijn die dit lezen en een ingeving hebben; wij zijn een en al oor. Het ziet er voorlopig namelijk niet naar uit dat Instagram – in 2018 op 1.4 biljoen gebruikers– in populariteit gaat afnemen. Een nieuw jaar, and we’re in need of a resolution!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.